Het bewijs is er: de Europese wilde kat is op eigen kracht naar Nederland gekomen. Natuurbeschermers houden echter hun hart vast. Het gevaar dat het zeldzame dier voor een verwilderde huiskat wordt aangezien en om zeep wordt geholpen, is levensgroot.
Tot in de Romeinse tijd kwamen er wilde katten in Nederland voor. Kort daarna verdwenen ze, waarschijnlijk als gevolg van ontbossing, klimaatverandering en vervolging. Hoe snel dit proces verliep is onduidelijk, omdat in die tijd ook de huiskat zijn intrede deed en verwarring tussen beide soorten erg gemakkelijk is. Bovendien is er vaak sprake van bastaardering met tamme en verwilderde dieren. Juist die mengvormen maakt het determineren van de echte wilde kat in de vrije natuur heel moeilijk.
Opvallend is dat wilde katten nauwelijks in de wetenschappelijke literatuur aan bod komen, terwijl het verdwijnen van andere opvallende roofdieren zoals de wolf en de lynx wel relatief goed gedocumenteerd is. Pas in de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw werden weer vondsten van katten gemeld. Mogelijk zijn dat wilde katten, maar zekerheid is hierover niet, omdat ook het aantal verwilderde katten in Nederland in de tienduizenden loopt. De teller van het aantal geregistreerde afgeschoten exemplaren stond volgens de Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging in 2003 op ongeveer 5000. „Dit is een ondergrens, omdat lang niet alle afschot wordt geteld”, zegt een woordvoerster. „Bovendien wemelt het in steden van huiskatten die ’s nachts op strooptocht gaan, soms kilometers van huis.” Lees verder
|